Het boek en de aanleiding
Interviewer: Patrick, bedankt dat je tijd maakt voor dit interview. Mijn eerste vraag: wat was voor jou de aanleiding om dit boek te schrijven?
Dewals: Ik was al enkele jaren bezig met het onderzoeken van de medicinale mogelijkheden van cannabis. Ik heb veel gelezen, studies geanalyseerd en interviews afgenomen met zowel patiënten als deskundigen — vooral in het buitenland, maar ook hier in België.
Ik had daardoor een grote hoeveelheid kennis verzameld en wilde die bundelen in een boek. De titel “Medicinale cannabis: meer dan een medische kwestie” verwijst naar het feit dat het boek niet alleen over de therapeutische effecten gaat, maar ook over de politieke en maatschappelijke context.
Cannabis is jarenlang in de wetenschap geblokkeerd door politieke beslissingen die vaak ideologisch of moralistisch waren. Daardoor is onderzoek stilgelegd en zijn patiënten benadeeld. Ik vond het belangrijk om duidelijk te maken dat cannabis voor veel zieke mensen een significante verbetering van hun levenskwaliteit kan betekenen.
Het Britse onderzoek van professor Mike Barnes
Interviewer: Je verwijst in je boek naar het werk van professor Mike Barnes. Kan je daar wat meer over vertellen?
Dewals: Zeker. Mike Barnes is een Britse professor in de geneeskunde. Hij werd door verschillende partijen in het Verenigd Koninkrijk gevraagd om te onderzoeken welke therapeutische toepassingen cannabis kan hebben.
Samen met zijn dochter, een psycholoog, stelde hij een uitgebreid overzicht op van aandoeningen waarbij cannabis kan helpen. Ze deelden die op in categorieën, van overtuigend bewezen tot veelbelovend.
Vooral bij deze aandoeningen is het wetenschappelijke bewijs sterk:
- Chronische pijn
- Misselijkheid en braken door chemotherapie
- Multiple sclerose (MS)
- Angststoornissen (vooral met CBD)
Op basis van zijn onderzoek werd in het VK voor het eerst legaal medicinale cannabis voorgeschreven, in eerste instantie aan epilepsiepatiënten.
Het potentieel aantal patiënten
Interviewer: Hoe groot is volgens Barnes het potentieel van medicinale cannabis?
Dewals: Barnes schat dat in het VK, met zo’n 65 miljoen inwoners, ongeveer 1,5 tot 2 miljoen mensen zouden kunnen geholpen worden, mits:
- Artsen goed opgeleid zijn.
- Er een betrouwbare distributie van cannabisproducten bestaat.
De grootste groep patiënten zijn chronische pijnpatiënten. In België alleen al hebben we er naar schatting 200.000. Als je de cijfers doortrekt, zou medicinale cannabis ook hier een enorme meerwaarde kunnen betekenen.
Het probleem met opioïden
Interviewer: Je zegt dat veel patiënten nu nog op andere middelen staan. Hoe groot is dat probleem?
Dewals: Vandaag krijgen veel chronische pijnpatiënten opioïden voorgeschreven. Dat is problematisch, omdat hun therapeutisch effect vaak al na een zevental dagen begint af te nemen, terwijl de neveneffecten toenemen.
Cannabis kan in veel gevallen een veiliger alternatief zijn. Het kan de pijn verlichten zonder dezelfde risico’s op afhankelijkheid of zware bijwerkingen. Toch blijft België achter.
De situatie in België: beperkte toegang
Interviewer: Hoe zit het beleid hier momenteel?
Dewals: België is bijzonder restrictief.
Medicinale cannabis is enkel beschikbaar voor MS-patiënten — en zelfs dan alleen als laatste behandelingsoptie. Bovendien moet het door een neuroloog worden voorgeschreven en kan het alleen worden afgehaald in een ziekenhuisapotheek.
Het is dus verre van laagdrempelig en beperkt zich tot een heel kleine groep patiënten, terwijl de nood veel groter is.
Frustraties bij pijnartsen
Interviewer: Je sprak ook met pijnspecialist Dominique Lossignol. Wat vertelde hij?
Dewals: Dominique Lossignol is pijnarts in het Bordet-instituut in Brussel, een bekend kankercentrum. Hij behandelt zowel kankergerelateerde pijn als andere chronische pijnklachten.
Hij nam deel aan internationale studies rond Sativex, een product op basis van THC en CBD. Uit dat onderzoek bleek dat ongeveer 40% van de patiënten significante pijnverlichting ervaart.
Maar hier is het probleem: Lossignol mag het niet voorschrijven aan zijn patiënten, omdat de Belgische regelgeving het verbiedt voor iedereen buiten de specifieke MS-doelgroep. Hij ziet dagelijks patiënten lijden, maar kan ze het meest logische alternatief niet aanbieden. Dat frustreert hem enorm.
Onbekend maakt onbemind
Interviewer: In je boek noem je cannabis “ongekend en onbemind”. Kan je dat toelichten?
Dewals: Absoluut. Het probleem begint bij een fundamenteel gebrek aan kennis. Veel artsen weten niet hoe cannabis werkt of dat het überhaupt therapeutische toepassingen heeft. Om dat te begrijpen, moet je weten dat ons lichaam een endocannabinoïde systeem heeft.
Dit is een complex netwerk van neurotransmitters en receptoren dat betrokken is bij talloze processen, zoals pijnregulatie, slaap, eetlust, stemming en het immuunsysteem. Cannabis werkt doordat stoffen zoals THC en CBD op deze receptoren inwerken.
Maar — en dat is het probleem — dit systeem wordt niet onderwezen in de standaard medische opleidingen, noch in België, noch in de meeste andere landen.
Het gebrek aan onderwijs over cannabis
Interviewer: Wordt het endocannabinoïde systeem dan helemaal niet onderwezen?
Dewals: Nee, nauwelijks. Zelfs in landen waar medicinale cannabis al jaren legaal is, zoals de VS of Canada, wordt het amper besproken in de opleiding geneeskunde.
Er was een onderzoek in 2018 waarbij medische faculteiten in de VS werden bevraagd over hun curriculum. Ongeveer 75% deed mee. Daaruit bleek dat 85% van de afgestudeerden te weinig kennis had om medicinale cannabis correct voor te schrijven.
Hetzelfde geldt in België. De meeste artsen leren niets over cannabis, waardoor ze patiënten vaak niet kunnen begeleiden of zelfs verkeerde informatie geven.
Vooruitgang in Israël en Canada
Interviewer: Toch zijn er landen waar men verder staat. Kan je voorbeelden geven?
Dewals: Ja, Israël is een pionier. Daar is medicinale cannabis al sinds 2003 legaal. In 2015 waren er ongeveer 24.000 officieel geregistreerde patiënten.
In 2018 steeg dat naar 32.000, en vandaag zitten ze rond de 70.000 patiënten op een bevolking van 8,5 miljoen.
In Canada is de situatie vergelijkbaar. Medicinale cannabis werd daar in 2003 gelegaliseerd. Het aantal gebruikers stijgt gestaag, en vooral ouderen maken er steeds vaker gebruik van. Niet omdat ze “willen feesten”, zoals sommigen denken, maar omdat ze kampen met pijn, slaapproblemen, angst of meerdere chronische aandoeningen.
In veel verzorgingshuizen in Canada en Israël is medicinale cannabis inmiddels een gewoon hulpmiddel.
Cannabis als alternatief voor zware medicatie
Interviewer: Helpt medicinale cannabis oudere patiënten ook om andere medicatie af te bouwen?
Dewals: Ja, dat zien we in meerdere landen. Cannabis kan helpen om het gebruik van andere middelen, zoals slaappillen, antidepressiva en vooral opiaten, sterk te verminderen.
Belangrijk is ook dat cannabis een veilig profiel heeft. Je moet extreem hoge dosissen nemen om zware bijwerkingen of overdosis te veroorzaken, in tegenstelling tot opioïden, waarbij een kleine dosisverhoging al gevaarlijk kan zijn.
In dat opzicht kan cannabis voor veel patiënten een gezondere keuze zijn.
De rol van stigma en media
Interviewer: In België lijkt de houding tegenover cannabis nog steeds zeer negatief. Waar ligt dat aan?
Dewals: Het is een combinatie van historische beeldvorming en selectieve berichtgeving.
Decennialang is cannabis voorgesteld als een gevaarlijke drug:
- Dat het psychoses veroorzaakt.
- Dat het leidt tot agressie.
- Dat gebruikers “zombies” worden.
Die framing is hardnekkig. In de jaren ’30 werd cannabis in de VS zelfs gebruikt om racistische angsten aan te wakkeren. Er werd beweerd dat cannabis “blanke vrouwen overlevert aan zwarte mannen” en dat gebruikers gevaarlijke misdadigers zouden worden. Dat idee is diep in het collectieve bewustzijn verankerd en beïnvloedt nog steeds de publieke opinie.
De Belgische media versterken dat stigma vaak door negatief nieuws te overbelichten en positieve onderzoeken te negeren. Het debat blijft daardoor eenzijdig.
De nood aan betere opleiding en informatie
Interviewer: Hoe kan die negatieve spiraal worden doorbroken?
Dewals: Het begint bij onderwijs en correcte informatie. Artsen moeten leren over het endocannabinoïde systeem, patiënten moeten betrouwbare info krijgen, en de media moeten evenwichtiger berichten.
Een mooi voorbeeld is Mike Barnes in het VK. Hij heeft samen met collega’s een “cannabis-universiteit” opgericht, waar artsen nascholingen krijgen over:
- Het functioneren van het endocannabinoïde systeem
- Het gebruik van cannabis bij specifieke aandoeningen
- Dosering en toedieningsvormen
Zulke initiatieven zijn cruciaal om de kloof tussen wetenschap en beleid te dichten.
Cannabis en psychoses
Interviewer: In de media wordt vaak gezegd dat cannabis psychoses veroorzaakt. Hoe kijk jij daartegenaan?
Dewals: Dat is een complex verhaal en wordt vaak verkeerd voorgesteld. Eerst moeten we duidelijk maken wat een psychose is. Een psychose kan ontstaan door verschillende oorzaken:
- Een hersenletsel of tumor
- Extreme stress
- Trauma’s
- Genetische kwetsbaarheid
Sommige mensen hebben een aangeboren gevoeligheid voor psychoses, bijvoorbeeld bij aandoeningen zoals schizofrenie. Voor hen kan cannabis inderdaad een trigger zijn, maar dat geldt ook voor veel andere stressfactoren.
Ik sprak ooit met Lester Grinspoon, een gerenommeerd psychiater en professor aan Harvard. Hij legde uit dat voor mensen met een psychotische kwetsbaarheid bijna elke stressvolle gebeurtenis een psychose kan uitlokken.
Dat kan variëren van een zware val tot pesten op het werk of zelfs een heftig onweer. Cannabis kan zo’n trigger zijn, maar dat betekent niet dat cannabis de oorzaak is.
Mediaframing rond psychoses
Interviewer: Maar waarom wordt dat verband dan zo sterk benadrukt?
Dewals: Omdat het scoort in de media. Er wordt vaak de indruk gewekt dat iedereen die cannabis gebruikt een psychose zal ontwikkelen. Dat is wetenschappelijk onjuist.
De realiteit is dat slechts een klein percentage van de gebruikers risico loopt, en meestal gaat het om mensen die al een kwetsbaarheid hebben. Toch hoor je zelden nuance in kranten of journaals. Het beeld wordt zwart-wit gepresenteerd, wat de stigmatisering van cannabisgebruikers versterkt.
Misverstanden over verslaving
Interviewer: Een ander veelgebruikt argument is dat cannabis sterk verslavend is. Wat klopt daarvan?
Dewals: Ook dat wordt vaak overdreven. Wetenschappelijk onderzoek toont aan dat ongeveer 9% van de cannabisgebruikers tekenen van problematisch gebruik vertoont. Dat is aanzienlijk lager dan bij alcohol, tabak en opioïden.
Bovendien moeten we het woord “verslaving” nuanceren. De term komt uit het Romeinse recht: het woord addictus betekende dat iemand eigendom werd van een meester na een gerechtelijke uitspraak. Bij cannabis kan je niet zeggen dat 91% van de gebruikers “eigendom” is van de plant. De meeste mensen gebruiken het zonder problemen.
Belangrijk is ook dat problematisch gebruik vaak voorkomt bij mensen met onderliggende trauma’s. Zij gebruiken cannabis niet om “stoned te worden”, maar om psychisch leed te verlichten. Het probleem zit dus vaker in de context dan in de stof zelf.
Alcohol, tabak en cannabis vergeleken
Interviewer: Politici zeggen vaak: “We hebben al twee schadelijke middelen — alcohol en tabak. Moeten we er nog een derde bij nemen?” Wat vind jij daarvan?
Dewals: Dat argument klinkt logisch, maar is eigenlijk hypocriet.
Als we kijken naar de wetenschappelijke cijfers over schade, is cannabis veel minder schadelijk dan alcohol of tabak.
Professor David Nutt voerde in het VK een grootschalig onderzoek uit waarbij 20 stoffen werden vergeleken op 16 criteria: fysieke schade, psychische impact en maatschappelijke effecten.
De resultaten:
- Alcohol scoort 72/100 → veruit het schadelijkst.
- Cannabis scoort 20/100 → significant minder schadelijk.
Toch blijft alcohol overal verkrijgbaar — zelfs in supermarkten — terwijl cannabis streng verboden wordt. Dat is inconsistent beleid.
De rol van alcohol in de samenleving
Interviewer: Dus het beleid rond alcohol en cannabis is niet in balans?
Dewals: Helemaal niet. Alcohol is diep verankerd in onze cultuur. Mensen zien het als “normaal” dat je een glas wijn drinkt na het werk, maar ze vinden het taboe om te zeggen dat je ’s avonds een joint rookt om te ontspannen.
Daar komt nog bij dat alcohol veel meer maatschappelijke schade veroorzaakt:
- Meer verkeersdoden
- Meer ziekenhuisopnames
- Grotere belasting op de gezondheidszorg
En toch is alcohol volledig legaal, inclusief reclame. Zelfs nu we weten hoe schadelijk het is, staan er cafés naast scholen, terwijl CBD-winkels in Leuven binnen een straal van één kilometer van scholen verboden worden. Dat is absurd.
Farmaceutische lobby’s en economische belangen
Interviewer: Je hebt het in je boek ook over de rol van de farmaceutische industrie. In hoeverre bepaalt die het beleid?
Dewals: Hun invloed is enorm.
De farmaceutische sector ziet cannabis als concurrentie voor dure medicijnen zoals opioïden, antidepressiva en slaapmiddelen. Zolang cannabis niet gereguleerd is, blijven patiënten afhankelijk van hun producten.
Een duidelijk voorbeeld is GW Pharmaceuticals, het bedrijf achter Epidiolex, een op CBD gebaseerd middel. Ze verkopen het in de VS voor 32.500 dollar per patiënt per jaar. Ondertussen kan iemand zoals Jean-Pierre Voncken in België een vergelijkbaar product aanbieden voor 400 euro per jaar.
Het is duidelijk: er wordt geprobeerd medicinale cannabis te monopoliseren. Zolang patiënten niet zelf kunnen kweken of via social clubs hun cannabis verkrijgen, blijven ze afhankelijk van farmaceutische patenten en lobbybelangen.
Politieke verlamming in België
Interviewer: Patrick, waarom lijkt het cannabisbeleid in België zo vast te zitten?
Dewals: Het beleid is al jaren verankerd in politieke inertie.
De grootste tegenwerking komt van partijen zoals N-VA, die het debat bewust willen verengen tot een morele kwestie: “Cannabis is gevaarlijk, punt.”
Maar het probleem is breder. Andere partijen zijn vaak te laf om initiatief te nemen. Zelfs progressieve partijen zoals Vooruit en Groen durven nauwelijks hun nek uitsteken. Ze zien wel dat het huidige beleid onhoudbaar is, maar ze zijn bang om alternatieven zoals legalisering te verdedigen.
Het gevolg? Er ontstaat geen inhoudelijk debat, en het beleid blijft stilstaan.
Het voorbeeld van Vincent Van Quickenborne
Interviewer: Je verwees in je boek naar een opvallend voorbeeld met Vincent Van Quickenborne. Wat bedoel je precies?
Dewals: Van Quickenborne, onze huidige minister van Justitie, rookte 20 jaar geleden openlijk een joint in de Senaat om het debat rond cannabis op gang te brengen. Vandaag voert hij beleid dat strenger is dan ooit.
Wat mij verbaast, is dat geen enkele journalist hem hierover confronteert. Dit toont hoe gebrekkig het Belgische journalistieke landschap is rond dit thema. Er worden geen kritische vragen gesteld, terwijl de hypocrisie overduidelijk is.
De rol van de media: stiltes en blinde vlekken
Interviewer: Denk je dat de media bewust bepaalde zaken niet brengen?
Dewals: Absoluut. De selectiviteit in berichtgeving is opvallend.
Neem het voorbeeld van de legaliseringsgolf in de VS. In meer dan 25 staten is cannabis inmiddels legaal, zowel medicinaal als recreatief. Maar hoeveel artikels heb je daarover gelezen op de VRT-site? Misschien één.
De gevolgen hiervan zijn groot:
- Mensen denken dat cannabis wereldwijd verboden blijft.
- Patiënten weten niet dat er alternatieven bestaan.
- Politici voelen geen druk om te hervormen.
Als de media hun rol zouden opnemen en objectieve informatie zouden brengen, zou het debat in België veel verder staan.
Buitenlandse ontwikkelingen en hun invloed
Interviewer: Heeft de evolutie in het buitenland invloed op België?
Dewals: Tot nu toe nauwelijks.
Zelfs wanneer landen als Duitsland, Luxemburg en Frankrijk grote stappen zetten, blijft België een eiland.
Voorbeelden:
- Luxemburg heeft al concrete plannen voor legalisering.
- Duitsland maakt medicinale cannabis steeds toegankelijker.
- Frankrijk hield een referendum waaruit bleek dat de meerderheid pro-legalisering is.
Toch blijft België achter. De politieke wil ontbreekt, en zolang de publieke opinie niet mee verandert, blijft er niets bewegen.
Het recht als laatste redmiddel
Interviewer: Jij bent een rechtszaak gestart om de wetgeving aan te vechten. Waarom?
Dewals: Omdat alle andere paden doodlopen.
Ik heb in 2018, na het publiceren van mijn boek, besloten om de overheid gerechtelijk aan te spreken. Niet uit eigenbelang, maar voor de patiënten. De wetgeving is verouderd en discrimineert mensen die baat hebben bij medicinale cannabis.
We werken samen met een advocatenkantoor om de staat te dagvaarden en te eisen dat patiënten toegang krijgen tot veilige, betaalbare cannabisproducten.
De procedure kost veel geld — meer dan €15.000. Dankzij crowdfunding, benefietacties en steun van mensen zoals Jean-Pierre Voncken hebben we een deel van het bedrag verzameld. Maar de zaak sleept aan. Tot nu toe is er nog geen vonnis, maar we geven niet op.
De impact van gerechtelijke uitspraken
Interviewer: Denk je dat zo’n rechtszaak echt een verschil kan maken?
Dewals: Absoluut. Kijk naar Mexico: daar heeft het Hooggerechtshof beslist dat cannabis legaal moet worden, omdat het verbod in strijd was met fundamentele rechten. Sindsdien is de overheid gedwongen om wetgeving aan te passen.
Ook in België kan een gerechtelijke uitspraak druk zetten op de politiek. Het is geen makkelijke weg, maar het is de enige realistische optie om verandering af te dwingen.
De realiteit voor patiënten vandaag
Interviewer: En intussen blijven patiënten lijden.
Dewals: Inderdaad. Tienduizenden mensen met kanker, MS, chronische pijn en epilepsie gebruiken cannabis illegaal omdat ze geen alternatief hebben.
Ik ken mensen die hun 70-jarige vader naar Nederland moeten sturen om cannabis te halen voor een zoon met kanker. Dat is onmenselijk.
Daarbovenop hangt er nog altijd een stigma. Mensen durven vaak niet open te zeggen dat ze cannabis gebruiken als medicijn, uit angst voor veroordeling of discriminatie. Zolang media, politiek en justitie niet veranderen, blijft dit probleem bestaan.
Het taboe bij oudere generaties
Interviewer: Zie je bij oudere generaties nog veel weerstand tegen cannabis?
Dewals: Ja, dat taboe is enorm sterk, zeker in België.
Als je tegen een 70-jarige zegt dat cannabis een medicijn kan zijn, blijft vaak alleen het woord cannabis hangen. Het wordt automatisch geassocieerd met “drugs”, niet met gezondheid.
Maar tegelijk zie ik een kleine kentering. Sommige ouderen komen in contact met cannabis via vrienden of familie en merken zelf dat het werkt:
- Het helpt hen beter slapen
- Het verlicht pijn
- Het kan angst en stress verminderen
Die persoonlijke ervaringen openen langzaam nieuwe gesprekken. Het gaat traag, maar er komt stilaan meer interesse.
Hoe het buitenland taboes doorbreekt
Interviewer: Is dat taboe ook zo groot in het buitenland?
Dewals: Helemaal niet. In landen zoals Canada en veel staten in de VS is medicinale cannabis al jaren legaal. Daardoor is er een hele generatie opgegroeid die er gewoon openlijk over praat.
Toen ik in Costa Rica was, sprak ik veel gepensioneerde Amerikanen en Canadezen. Bijna iedereen had cannabis al eens geprobeerd voor medicinale doeleinden.
- Het stigma is daar weg
- Mensen delen ervaringen
- Artsen begeleiden patiënten actief
Dat contrast met België is enorm. Hier wordt cannabis nog steeds in stilte gebruikt, vaak illegaal, terwijl mensen elders vrijuit informatie en producten kunnen delen.
De opkomst van CBD-shops: een beperkte opening
Interviewer: CBD-shops lijken een kleine doorbraak. Klopt dat?
Dewals: In zekere zin wel, maar we mogen hun impact niet overschatten. CBD-shops bieden producten zonder THC aan, waardoor ze weinig psychoactief zijn. Voor sommige mensen helpt dat, maar bij veel aandoeningen, zoals epilepsie of ernstige pijn, is THC noodzakelijk voor een optimaal effect.
Toch zie je dat CBD-shops ook onder druk staan. In steden zoals Leuven mogen ze niet binnen een straal van 1 km rond scholen opereren. Dit wordt zogezegd gedaan om jeugd te beschermen, terwijl er binnen dezelfde straal tientallen cafés staan waar alcohol vrij wordt verkocht. Dat is pure hypocrisie.
Farmaceutische belangen en toekomstige dreiging
Interviewer: Denk je dat CBD en THC in de toekomst volledig gereguleerd worden?
Dewals: Daar moeten we eerlijk in zijn: de farmaceutische lobby speelt een sleutelrol.
Farmabedrijven wachten vaak tot zij het product kunnen monopoliseren.
Een goed voorbeeld is GW Pharmaceuticals en het medicijn Epidiolex. Zij verkopen iets dat in essentie CBD-olie in sesamolie is, voor 32.500 dollar per patiënt per jaar.
Mensen zoals Jean-Pierre Voncken maken een vergelijkbaar product voor 400 euro per jaar.
Toch probeert de farmasector hun eigen versie als enige legale optie te positioneren. Als dat lukt, zullen patiënten veel meer betalen, terwijl zelfkweek en social clubs waarschijnlijk afgesloten worden.
De rol van sociale cannabisclubs
Interviewer: Zijn sociale cannabisclubs een mogelijke oplossing?
Dewals: Absoluut.
Social clubs bieden patiënten de mogelijkheid om samen te kweken, kennis te delen en kwaliteit te controleren. Dat zou niet alleen goedkoper zijn, maar ook de veiligheid verbeteren.
Maar zolang er geen wettelijk kader is, blijven clubs vaak in een grijze zone opereren. Politieke tegenwerking en farmaceutische druk zorgen ervoor dat dit voorlopig niet structureel geregeld wordt.
Hoop voor de toekomst
Interviewer: Hoe zie jij de toekomst voor medicinale cannabis in België?
Dewals: Eerlijk? Ik ben sceptisch.
Zolang de media zwijgen, politici niets durven, en de farmalobby haar invloed behoudt, verwacht ik geen grote doorbraak op korte termijn.
Maar ik zie ook lichtpunten:
- Meer mensen spreken openlijk over hun gebruik
- Buitenlandse voorbeelden zetten druk op het Belgische beleid
- Rechtszaken kunnen op termijn precedenten creëren
Het gaat traag, maar elke patiënt die openlijk vertelt hoe cannabis hun leven verbetert, helpt het stigma te doorbreken.
Slotwoord van Dewals
“Cannabis is voor veel patiënten geen luxe, maar een levensnoodzakelijk middel.
Het beleid moet stoppen met stigmatiseren en beginnen met luisteren naar de wetenschap én de ervaringen van gebruikers.
Het huidige verbod duwt mensen in de illegaliteit en dat is onmenselijk.”
