De Cannabis Monologen
Interviewer: Walter, bedankt dat je tijd maakt voor dit interview. Mijn eerste vraag: vorig jaar werkte u mee aan het toneelstuk Cannabis Monologen. Wat motiveerde u om daaraan deel te nemen?
Damen: Dat had verschillende redenen. Eén van de organisatoren, een assistent aan de Universiteit Gent, vroeg mijn medewerking. Ik vond het een interessant initiatief omdat het toneelstuk vragen stelt over de plaats van cannabis in ons strafrechtelijk systeem.
De centrale vraag was: Moet cannabis in het strafrecht blijven, of moeten we het uit de strafwet halen? Daarmee verbonden zijn ook belangrijke kwesties zoals:
- Wat doen we met ons gedoogbeleid?
- Hoe verhoudt cannabis zich tot andere roesmiddelen die wel legaal zijn?
- Waarom worden sommige middelen gereguleerd, terwijl andere streng verboden blijven?
Voor mij was het waardevol om dat gesprek op een publieke manier te voeren.
Alcohol versus cannabis
Interviewer: Hoe ziet u cannabis binnen het brede spectrum van roesmiddelen?
Damen: Wat mij vooral opvalt, is de inconsistentie in ons beleid. Neem alcohol: het is overal te koop, vaak al vanaf 16 jaar, en volledig ingeburgerd in onze samenleving. Het straalt zelfs een zekere levensgenieterij uit.
Cannabis daarentegen is ook een roesmiddel, maar wordt volledig in het strafrecht behandeld. We hebben zogezegd een gedoogbeleid waarbij je 3 gram mag bezitten, maar tegelijk blijft het verboden in de strafwet. Dat is een juridische paradox.
Die dubbelzinnigheid zorgt voor verwarring en creëert situaties waarin mensen denken dat iets legaal is, terwijl dat niet zo is.
De impact van alcoholmisbruik
Interviewer: U werkt als strafpleiter. Welke rol speelt alcoholmisbruik in de zaken die u behandelt?
Damen: Een enorme rol. Een groot deel van de strafzaken waarbij ik betrokken ben, heeft een alcoholgerelateerde component. Denk aan:
- Geweldplegingen
- Verkeersongevallen
- Openbare ordeproblemen
Daarom vind ik het vreemd dat we alcohol volledig normaliseren, terwijl cannabis in een crimineel kader blijft. Voor mij wringt dat enorm.
Cannabis uit de criminaliteit halen
Interviewer: Betekent dat dat u voorstander bent van legalisering?
Damen: Niet noodzakelijk. Het debat moet gaan over controle. Door cannabis uit de criminele sector te halen, kan je:
- De kwaliteit beter controleren
- Het THC-gehalte reguleren
- Een veiliger consumptieklimaat creëren
- Illegale netwerken verzwakken
Andere landen tonen dat een gereguleerd systeem beter werkt dan een chaotisch gedoogbeleid.
Het huidige Belgische systeem duwt mensen juist verder richting criminaliteit: als je cannabis wil kopen, moet je je vaak inlaten met dealers op obscure plekken. Dat is gevaarlijk en inefficiënt.
De juridische onzekerheid rond het gedoogbeleid
Interviewer: U noemt het huidige beleid dubbelzinnig. Welke gevolgen heeft dat concreet voor burgers?
Damen: Het creëert onzekerheid. Veel mensen denken: “Als ik minder dan 3 gram bij me heb, mag het.” Maar dat klopt niet. De realiteit:
- Onder 3 gram → vaak een minnelijke schikking
- Boven 3 gram → volledige strafrechtelijke vervolging
Een voorbeeld: iemand rijdt naar Nederland, koopt voor zichzelf en vier vrienden telkens 3 gram en komt terug met 15 gram. Juridisch gezien word je dan als dealer beschouwd, met alle gevolgen van dien.
Bovendien verplicht het huidige systeem gebruikers nog steeds om cannabis via illegale kanalen te verkrijgen. Het beleid werkt daardoor contraproductief.
Verschillen in rechtspraak en interpretatie
Interviewer: Hanteert de rechterlijke macht dan wel duidelijke lijnen?
Damen: Niet altijd. Rechters interpreteren de regels verschillend. In sommige arrondissementen worden zaken streng aangepakt, terwijl anderen meer praktisch omgaan met kleine gebruikers. Dat zorgt voor rechtsongelijkheid, wat absoluut problematisch is.
Er bestaan nu ook therapietrajecten en alternatieve maatregelen voor wie een drugsproblematiek heeft, maar ook daar zijn grote verschillen in toepassing.
De nood aan een rationeel debat
Interviewer: Wat zou volgens u het belangrijkste zijn om dit debat vooruit te helpen?
Damen: Eenvoud en duidelijkheid. Ofwel legaliseer je cannabis op een gecontroleerde manier, ofwel kies je voor een totaalverbod. Het huidige halfslachtige gedoogbeleid zorgt alleen voor verwarring en criminalisering.
Het probleem is dat de politiek het debat vermijdt, uit angst voor stemmenverlies of ideologische tegenstellingen. Maar zolang we geen heldere keuzes maken, blijft de situatie onhoudbaar.
Verschillen in handhaving tussen arrondissementen
Interviewer: U haalde al aan dat rechters en parketten verschillend omgaan met cannabis. Kunt u dat concreet maken?
Damen: Zeker. De onduidelijkheid van ons beleid vertaalt zich rechtstreeks naar verschillen in handhaving. In sommige arrondissementen wordt strikt vervolgd vanaf 3 gram, terwijl andere parketten de zaken sneller seponeren of minnelijke schikkingen voorstellen.
Een goed voorbeeld is Antwerpen, waar de burgemeester een zeer strikte lijn volgt. Daar wordt de minnelijke schikking vaak actief ingezet als politiek instrument om het gedoogbeleid zo klein mogelijk te houden. In andere steden is de aanpak veel soepeler.
Het gevolg? Burgers krijgen andere gevolgen voor exact hetzelfde feit, afhankelijk van waar ze wonen. Dat ondermijnt het vertrouwen in de rechtsstaat.
Het voorbeeld van voetbalstadions
Interviewer: U verwees in een eerdere lezing naar de regels rond cannabisgebruik in voetbalstadions. Wat bedoelde u daarmee?
Damen: Dat voorbeeld illustreert perfect hoe inconsistent het beleid is. Bij een specifieke actie in het Beerschot-stadion besliste het parket dat iedereen die een joint opstak minstens 18 maanden stadionverbod moest krijgen. Ik heb toen geweigerd dat standpunt te volgen.
Ik stelde de vraag:
“Waarom moet ík streng optreden in het stadion, terwijl net buiten het stadion, op de openbare weg, dezelfde handeling gedoogd wordt?”
Die tegenstrijdigheid toont hoe willekeurig het beleid is. Het is voor burgers onmogelijk te begrijpen waar de grenzen liggen.
Cannabis op festivals
Interviewer: En hoe zit dat bij festivals? Wordt daar strenger op gecontroleerd?
Damen: Absoluut. Op festivals wordt intensief gecontroleerd, vaak veel strenger dan op straat. Maar tegelijk weet iedereen dat cannabisgebruik daar voorkomt. Het beleid schiet hier alle kanten op: aan de ene kant wil men het verbieden, aan de andere kant weet men dat het massaal gebeurt.
Ik maak daar soms een grapje over:
“Stel je een Jupiler Pro League voor, maar dan voor cannabis — een Cannabis Pro League. Dat zou nooit geduld worden.”
Dit geeft aan hoe selectief de wet wordt toegepast. Bij alcohol is massaal gebruik op festivals volledig normaal, terwijl cannabisgebruik er hard aangepakt wordt.
Emotie en ideologie domineren het debat
Interviewer: Ligt de oorzaak hiervan vooral bij ideologische tegenstellingen in de politiek?
Damen: Zeker. Het debat wordt vaak gestuurd door emoties en moraliserende standpunten, niet door wetenschappelijke inzichten. Sommige politici zetten cannabis neer als een gevaarlijk kwaad. Ze halen extreme voorbeelden aan: mensen die een psychose krijgen of zich in gevaar storten. Dat gebeurt inderdaad, maar vaak alleen wanneer cannabis met te hoog THC-gehalte wordt gebruikt.
Als je cannabis gecontroleerd verkoopt met duidelijke doseringen en kwaliteitsnormen, verminder je dat risico aanzienlijk. Maar dat debat wordt amper gevoerd.
De tegenstelling met alcohol
Interviewer: U vergelijkt cannabis vaak met alcohol. Waarom is die vergelijking zo belangrijk?
Damen: Omdat het beleid rond alcohol en cannabis volledig tegenstrijdig is. Alcohol is overal verkrijgbaar, wordt belast, gereguleerd en genormaliseerd. De overheid verdient er veel geld aan via accijnzen. Cannabis daarentegen wordt gedoogd, maar blijft strafbaar.
Het gevolg is een scheefgetrokken systeem:
- Het ene middel (alcohol) veroorzaakt meer maatschappelijke schade maar is breed geaccepteerd.
- Het andere (cannabis) is minder schadelijk maar blijft in een juridisch grijze zone hangen.
Dat leidt tot willekeur en verwarring, zowel voor burgers als voor rechters.
Een pleidooi voor gecontroleerde verkoop
Interviewer: Wat zou volgens u een betere aanpak zijn?
Damen: Controle en regulering. Door cannabis op een gecontroleerde manier beschikbaar te maken, kan de overheid:
- Het THC-gehalte vastleggen
- De kwaliteit garanderen
- Het illegale circuit verzwakken
- Consumenten beter beschermen
Het huidige systeem faalt op al deze punten. Zolang we blijven vasthouden aan een gedoogbeleid zonder duidelijke regels, zullen problemen rond veiligheid, kwaliteit en criminaliteit blijven bestaan.
De rol van internationale verdragen
Interviewer: In het Belgische debat wordt vaak verwezen naar internationale verdragen zoals het VN-verdrag uit 1961. Wordt dat echt een obstakel voor hervorming?
Damen: Nee, dat is grotendeels een drogreden. Politici gebruiken het VN-verdrag vaak als excuse om niets te veranderen, maar in realiteit kan een land zelf beslissen over de manier waarop het cannabisbeleid wordt ingericht.
Andere Europese landen tonen dat al jaren:
- Duitsland heeft medicinale cannabis toegankelijk gemaakt
- Luxemburg bereidt legalisering voor
- Portugal koos voor decriminalisering
- Zelfs Canada en meerdere Latijns-Amerikaanse landen hebben stappen gezet
Als België wil, kan het net zo goed eigen wetgeving invoeren. Het probleem zit dus niet bij de verdragen, maar bij de politieke wil.
De Cannabis Monologen: een publiek debat
Interviewer: U nam deel aan de Cannabis Monologen. Wat hoopte u met dat toneelstuk te bereiken?
Damen: De bedoeling was om het debat open te trekken en meer wetenschappelijke nuance te brengen. Tijdens het stuk werd cannabis voorgesteld als “de beklaagde”. Aan de ene kant stond het Openbaar Ministerie, aan de andere kant een advocaat. Het publiek mocht luisteren naar argumenten van beide kanten.
Het doel was om mensen te laten zien dat dit geen zwart-witverhaal is. Het ging over:
- De wetenschappelijke feiten
- De medische toepassingen
- De maatschappelijke impact
- De economische gevolgen
Voor mij was dat waardevol, omdat we dringend nood hebben aan een debat gebaseerd op kennis, niet op angst of ideologie.
Zal legalisering de criminaliteit verminderen?
Interviewer: Een veelgehoord argument is dat legaal cannabisbeleid criminaliteit kan terugdringen. Hoe kijkt u daarnaar?
Damen: Legalisering alleen lost de criminaliteit niet op, maar het kan wel helpen. Neem het voorbeeld van de illegale achterdeur in Nederland:
- Coffeeshops mogen cannabis verkopen
- Maar de inkoop is volledig illegaal
- Daardoor blijft een groot deel van de handel in handen van criminelen
Een volledig gereguleerd systeem zou dat kunnen doorbreken:
- Geregistreerde producenten
- Controle op kwaliteit en samenstelling
- Transparante distributiekanalen
Dat haalt veel geld weg bij de georganiseerde misdaad. Maar zolang we in België vasthouden aan vage regels en halfslachtige maatregelen, versterken we juist de illegale markt.
Cocaïne, georganiseerde misdaad en bredere problemen
Interviewer: Cannabis staat centraal in dit debat, maar hoe ziet u de link met andere drugs zoals cocaïne?
Damen: Het cannabisbeleid staat niet los van het bredere drugsprobleem. We zien vandaag een gigantische impact van cocaïnehandel:
- Geweld en liquidaties
- Internationale smokkelnetwerken
- Enorme geldstromen
Kijk naar Taghi in Nederland, die begon als hashdealer en uiteindelijk één van de grootste figuren werd in de georganiseerde misdaad.
We moeten ons afvragen: Blijft het huidige repressieve model wel houdbaar? Misschien moeten we nadenken over nieuwe modellen waarbij de overheid bepaalde middelen onder toezicht beschikbaar stelt en tegelijk zware straffen oplegt voor wie illegaal handelt buiten dat kader.
Het huidige systeem werkt niet. De criminaliteit floreert, en gebruikers worden nog steeds gecriminaliseerd.
Het belang van wetenschappelijke regulering
Interviewer: U zei eerder dat een gecontroleerd systeem veel risico’s kan verminderen. Kunt u dat toelichten?
Damen: Zeker. Vandaag weten gebruikers niet wat ze kopen:
- Het THC-gehalte kan extreem hoog zijn
- Producten worden niet getest
- Er is geen kwaliteitscontrole
Bij gereguleerde verkoop kan de overheid:
- De doseringen vastleggen
- Veiligheid garanderen
- Gebruikers beter informeren
- De gezondheidsrisico’s beperken
Dit geldt niet alleen voor cannabis, maar voor alle roesmiddelen. We moeten af van een beleid dat uitsluitend sanctioneert en overstappen naar een model dat reguleert en begeleidt.
De dubbele rol van de overheid
Interviewer: U haalde eerder aan dat de overheid heel verschillend omgaat met alcohol, tabak en cannabis. Hoe ziet u dat precies?
Damen: Het is een enorme contradictie. Neem sigaretten: iedereen weet dat ze ongezond zijn, de verpakkingen staan vol afschrikwekkende foto’s, en toch:
- De overheid verkoopt ze niet alleen, maar verdient er miljarden aan via accijnzen.
- Een pakje kost intussen bijna €10, maar mensen blijven kopen.
Hetzelfde geldt voor alcohol: de overheid belast het zwaar, maar het wordt volledig genormaliseerd. En dan heb je cannabis: een product dat veel minder schadelijk kan zijn, maar dat nog altijd in het strafrecht zit. Dat is voor mij een ongelooflijke dualiteit.
Politieke angst en stemmenwinst
Interviewer: Waarom wordt er volgens u zo weinig vooruitgang geboekt in het cannabisdebat?
Damen: Omdat politici bang zijn. Ze vrezen stemmen te verliezen als ze zich pro-legalisering uitspreken. Het resultaat is dat ze het debat vermijden en kiezen voor een makkelijk compromis: het huidige gedoogbeleid.
Dat beleid is politiek comfortabel:
- Voorstanders van legalisering worden gesust
- Tegenstanders krijgen de garantie dat het verbod blijft bestaan
- Politici hoeven geen duidelijke keuzes te maken
Maar uiteindelijk zit niemand met dit beleid geholpen: niet de gebruiker, niet de rechter, en ook de overheid niet.
De rol van Vincent Van Quickenborne
Interviewer: Minister van Justitie Vincent Van Quickenborne heeft een geschiedenis met cannabis. Hij rookte ooit een joint in de Senaat om het debat aan te zwengelen. Bent u verbaasd over zijn huidige houding?
Damen: Het is opvallend, ja. Twintig jaar geleden gebruikte hij een provocerende actie om het cannabisdebat open te trekken. Vandaag voert hij beleid dat strenger is dan ooit.
Daarmee is hij niet alleen:
- Hij kondigde onrealistische plannen aan, zoals het idee dat iedereen elke dag zijn gevangenisstraf volledig moet uitzitten.
- Hij draait geregeld in zijn standpunten, bijvoorbeeld rond alternatieve straffen.
- Hij doet populistische uitspraken die juridisch weinig steek houden, zoals rond seksuele toestemming en levenslange straffen.
Deze inconsistenties maken het debat nog moeilijker. Als zelfs de minister van Justitie geen helder standpunt durft innemen, blijft de impasse bestaan.
De fiscale realiteit
Interviewer: U benadrukt dat alcohol en tabak zwaar belast worden. Zou een gereguleerd cannabisbeleid ook fiscale voordelen kunnen hebben?
Damen: Absoluut. Een gereguleerde markt kan:
- Accijnsinkomsten genereren
- Illegale handel terugdringen
- Controle bieden over kwaliteit en distributie
Kijk naar Canada: daar is cannabis inmiddels een miljardenindustrie. De overheid kan investeren in preventie, gezondheidszorg en educatie met geld dat anders naar criminele netwerken gaat.
Maar in België houdt de politiek vast aan een contradictie: men wil geen gebruik stimuleren, maar laat ondertussen veel gevaarlijkere middelen zoals alcohol overal verkopen.
België versus Nederland en Canada
Interviewer: België lijkt achterop te raken. Hoe komt dat?
Damen: België heeft een conservatief beleid dat nauwelijks evolueert. Vergelijk dat met andere landen:
- Nederland heeft al decennialang coffeeshops, al blijft hun beleid ook problematisch door de illegale achterdeur.
- Canada koos voor volledige legalisering, met duidelijke regels rond kwaliteit en verkoop.
- In Luxemburg staan de eerste stappen richting legalisering al vast.
België blijft hangen in stilstand:
- Het gedoogbeleid is inconsistent
- Er is geen visie op regulering
- Politici durven geen verantwoordelijkheid te nemen
De realiteit is dat België vroeg of laat onder buitenlandse druk zal moeten bewegen, want onze buurlanden lopen vooruit.
De hypocrisie in het beleid
Damen: De kern van het probleem is hypocrisie. De overheid weet dat cannabis massaal gebruikt wordt. Ze gedoogt het in kleine hoeveelheden, maar criminaliseert tegelijk de productie en distributie. Daardoor:
- Worden gebruikers onzeker
- Wordt de illegale markt versterkt
- Ontbreekt er transparantie
Het is een beleid dat niemand helpt, maar dat politiek handig is.
De toekomst van cannabis in België
Interviewer: Hoe ziet u de toekomst van cannabisbeleid in België? Ziet u op korte termijn verandering?
Damen: Eerlijk gezegd zie ik geen grote doorbraak op korte termijn. België heeft andere politieke prioriteiten:
- De voortdurende institutionele discussies
- De verdeling van bevoegdheden tussen gewesten en gemeenschappen
- De versnippering van verantwoordelijkheden
Cannabis staat niet hoog op de agenda. Zolang er geen politieke moed is om het debat écht te voeren, zal er niets substantieels veranderen.
De invloed van het buitenland
Interviewer: Kan het beleid in buurlanden België onder druk zetten om mee te bewegen?
Damen: Absoluut. Als Luxemburg, Duitsland of Frankrijk stappen zetten richting legalisering, zal de druk op België toenemen. We zien nu al:
- Canada heeft een volledig gereguleerd systeem
- Nederland kent coffeeshops, al blijft hun achterdeurprobleem bestaan
- Portugal koos voor decriminalisering
- Verschillende Latijns-Amerikaanse landen stappen over op gereguleerde markten
België kan niet eeuwig een eiland blijven. Hoe meer landen in Europa de transitie maken, hoe meer onze eigen wetgever zal moeten volgen.
De rol van medicinale cannabis
Interviewer: U krijgt in uw praktijk ook patiënten over de vloer die cannabis gebruiken om medische redenen. Hoe gaan rechters daarmee om?
Damen: Dat komt vaker voor dan men denkt. Patiënten zeggen bijvoorbeeld:
“Slaapmiddelen en andere medicatie maken me ziek en uitgeput.
Geef me cannabis, en ik voel me stukken beter.”
Rechters tonen vaak begrip voor deze situatie, maar ze zitten vast aan de wet:
- Vrijspraak wordt bijna nooit gegeven
- Wel kan men kiezen voor opschorting van straf
- Soms wordt een alternatieve maatregel opgelegd
Er is dus ruimte voor mildheid, maar geen structurele oplossing zolang cannabis niet wettelijk erkend wordt als medicinaal hulpmiddel.
Een veranderende houding in de rechtspraak
Interviewer: Merkt u dan een evolutie in hoe rechters vandaag naar cannabis kijken?
Damen: Zeker. Twintig jaar geleden werd iedere gebruiker bijna automatisch vervolgd. Vandaag zie je meer onderscheid tussen:
- Persoonlijk gebruik
- Medicinale toepassingen
- Illegale handel
Rechters zijn sensitiever geworden voor de persoonlijke context van gebruikers. Toch botsen we telkens op hetzelfde probleem: de wetgeving loopt achter op de realiteit.
De rol van buitenlandse voorbeelden
Damen: We kunnen veel leren van andere landen. In Canada zie je dat legalisering leidt tot:
- Betere kwaliteitscontrole
- Lagere criminaliteit in de cannabismarkt
- Nieuwe fiscale inkomsten voor de overheid
Ook Luxemburg en Duitsland tonen dat regulering mogelijk is zonder een explosie van problematisch gebruik. Wetenschappelijke inzichten en internationale ervaringen liggen klaar — het is vooral een kwestie van politieke wil.
Het stigma blijft groot
Interviewer: Speelt het stigma rond cannabis nog altijd een grote rol?
Damen: Ja, absoluut. Het stigma is hardnekkig en wordt gevoed door politiek discours en mediaframing:
- Cannabis wordt vaak afgeschilderd als een gevaarlijke drug
- Gebruikers voelen zich gestigmatiseerd
- Veel mensen durven niet openlijk praten over hun gebruik, zelfs wanneer het medicinaal is
In landen waar cannabis al jaren gereguleerd wordt, zoals Canada, is dat stigma veel minder sterk. Mensen praten er vrijer over en zoeken makkelijker hulp of advies.
Pleidooi voor duidelijkheid en eerlijkheid
Damen: Het huidige Belgische beleid werkt voor niemand:
- Gebruikers krijgen geen rechtszekerheid
- Rechters moeten improviseren
- De politie investeert middelen in een halfslachtig systeem
- Criminelen verdienen miljarden
We hebben nood aan een beleid dat wetenschappelijk onderbouwd is, dat gebruikers beschermt en criminaliteit terugdringt. Dat betekent niet dat we alles zomaar moeten legaliseren, maar wel dat we:
- Een duidelijk wettelijk kader moeten creëren
- Kwaliteit en veiligheid moeten garanderen
- Een einde maken aan hypocrisie
Zolang de politiek dit onderwerp blijft vermijden, zal België achterblijven.
Slotwoord van Damen
“Het huidige beleid is een juridische chaos.
Zolang cannabis halfslachtig gedoogd wordt, blijven we problemen creëren.
Ofwel legaliseren we het op een gecontroleerde manier, ofwel verbieden we het volledig.
Alles ertussenin zorgt voor verwarring, ongelijkheid en criminaliteit.”
