Zelfvoorzienend? Strafbaar.
Er zijn van die krantenberichten die je twee keer leest. Niet omdat ze complex zijn, niet omdat er een hele geopolitieke situatie achter zit, maar omdat ze gewoon… wringt. Dit was er zo eentje. Een jongen van 22 uit Aartrijke. Drie plantjes. Zeventig gram. Een kweektent. En een uitleg die je niet vaak hoort in rechtbankverslagen. Hij wilde net wegblijven van “het slechte milieu”.
We hebben hier geen bendeleider, geen grootschalige dealer, geen gewapende ripdeal. We hebben een jongen die precies het tegenovergestelde wou doen. Iemand die dacht dat hij, door zijn eigen cannabis te kweken, net géén stap hoefde te zetten in de richting van dat duistere circuit dat onze rechtbanken en gevangenissen al jaren vol laat lopen.
Want kijk even naar de feiten. Geen plantage in een loods. Geen tonnen stroomdiefstal. Geen wapens. Geen gigantische inkomstenstroom. Drie plantjes. Zeventig gram. En een restje van vroegere oogst. Dit past eerder in een glazen bokaal op een boekenrek dan in een misdaaddossier.
De man kreeg een werkstraf. En als hij die niet correct uitvoert riskeert hij zes maanden cel. Zes maanden. Voor iets wat niet groter is dan wat sommige overheidscampagnes ooit omschreven als “een normaal persoonlijk gebruikspatroon”. Dat is de echte absurditeit. Niet het plantje. Niet de tent. Niet eens de wetgeving op zich, hoe bedenkelijk die soms ook aanvoelt. Nee. Het is de totale mismatch tussen intentie en straf. Tussen risico en realiteit. Tussen logica en beleid.
Want laten we eerlijk zijn. De jongen heeft exact gedaan wat beleidsmakers zelf jarenlang moraliserend verkondigen. Blijf weg van dealers. Zoek geen contact met criminele milieus. Betaal geen geld aan structuren die misbruik en geweld in stand houden.
Maar als je dat doet door zelf een plantje te zaaien, een lampje op te hangen en je eigen voorraad te beheren zonder kwaad opzet, dan sta je ineens niet meer in de categorie burger die probeert verstandig om te gaan met een situatie, maar word je strafbaar, veroordeeld en administratief gelabeld als onderdeel van het probleem.
De vraag is dus niet of die jongen fout zat volgens de letter van de wet. De vraag is wat de wet op dat moment aan het beschermen was. Want niemand werd benadeeld. Niemand werd bedreigd. Niemand werd in gevaar gebracht. Er was geen slachtoffer. Slechts een jongvolwassene die probeerde een keuze te maken die minder schade berokkende dan het alternatief.
Een jongen met drie planten heeft dus nu een werkstraf. Niet omdat hij gevaarlijk is. Niet omdat hij winst nastreefde. Maar omdat hij precies wilde vermijden dat hij deel werd van datgene waarvan we zeggen dat mensen er ver vandaan moeten blijven.
