Over cupmaten en opslagcapaciteit
Sommige nieuwsberichten lees je en vergeet je vijf minuten later alweer. Andere blijven de hele dag door je hoofd spoken, niet omdat ze zo maatschappelijk belangrijk zijn, maar omdat er één detail in staat dat zo absurd is dat het alle andere informatie volledig overschaduwt. Zo verging het mij toen ik deze week las dat een vrouw werd tegengehouden en dat “bij de fouille bleek dat M.B. twee pakken met in totaal 300 gram cannabis in haar beha verstopt had.”
Vanaf dat moment was ik de rest van het artikel eigenlijk kwijt.
Niet omdat het juridische verhaal mij niet interesseerde. Er stond nog van alles in over een gsm met adressen, over vermoedelijke leveringen, over gevangenisstraffen van één jaar en achttien maanden, over een vrouw voor wie uiteindelijk geen straf werd uitgesproken omdat er “geen aanwijzingen zijn dat ze zich met drughandel bezighield.” Allemaal ongetwijfeld relevante informatie.
Maar mijn hersenen bleven koppig hangen bij die ene zin.
Twee pakken. Driehonderd gram. In een beha.
Ik heb dat artikel vervolgens opnieuw gelezen, in de stille hoop dat ik ergens een nuance gemist had. Misschien ging het om driehonderd milligram. Misschien om twee minuscuul kleine pakjes. Misschien had de journalist zich vergist. Maar nee. Er stond echt wat er stond: “twee pakken met in totaal 300 gram cannabis in haar beha.”
Nu moet ik eerlijk toegeven dat ik als man wellicht niet de grootste expert ben op het vlak van dameslingerie. Ik leef blijkbaar al jaren in de veronderstelling dat een beha hoofdzakelijk dient waarvoor hij oorspronkelijk ontworpen werd. Het blijkt nu echter dat sommige exemplaren blijkbaar ook perfect kunnen functioneren als een soort mobiele opslagruimte, waarbij de gemiddelde rugzak zich stilaan mag afvragen of hij nog wel een toekomst heeft.
Ik probeer me sindsdien vooral de fouille voor te stellen. Niet sensationeel, maar puur praktisch. De agent zal ongetwijfeld begonnen zijn met de gebruikelijke routinecontrole, zonder enige verwachting dat hij plots op een klein distributiecentrum zou botsen. Misschien dacht hij zelfs even dat hij zich vergiste.
“Dat zijn wel… euh… grote borsten.”
Tot een collega hem erop wees dat anatomie misschien niet de enige mogelijke verklaring was.
Want laten we eerlijk zijn: vanaf welk volume begint een ervaren politieman te denken dat hij niet langer naar cupmaat D of E kijkt, maar naar een verborgen voorraadkamer? Bestaat daar een opleiding voor? Krijgen agenten tijdens hun basisopleiding een hoofdstuk met de titel ‘Het onderscheid tussen natuurlijke vormen en verdachte volumes’?
Ik stel me voor dat ergens op de politieacademie een instructeur nu spijt heeft dat hij dat hoofdstuk ooit heeft overgeslagen.
Misschien verliep het ongeveer zo. Eerst werd één pak gevonden. Dat zal op zich al een verrassing geweest zijn. Maar dan volgde blijkbaar nóg een pak. Op dat moment moet er toch heel even complete verwarring zijn ontstaan. Niet over de cannabis, maar over de logistiek.
Want als je denkt dat je alles gevonden hebt en er komt nog eens 150 gram bovenop, begin je vanzelf aan jezelf te twijfelen.
Ik heb trouwens ook enorm veel respect gekregen voor de agent die nadien het proces-verbaal mocht opstellen. Sommige werkdagen zijn nu eenmaal ondankbaarder dan andere. Daar zit je dan achter je computer, met een officieel document dat ooit door advocaten, magistraten en rechters zal worden gelezen, en moet je bloedserieus noteren dat de verdovende middelen werden aangetroffen… in een beha.
Ik vermoed dat hij die zin minstens drie keer opnieuw heeft gelezen voor hij op “Opslaan” klikte.
En ergens zie ik ook de collega’s al voor me. Niet tijdens de interventie zelf, want daar zal iedereen professioneel gebleven zijn, maar wel de dag nadien aan de koffiemachine.
“Hoeveel was het nu weer?”
“Driehonderd gram.”
“In haar handtas?”
“Nee.”
“In haar jas?”
“Nee.”
“In de koffer van de wagen?”
“Nee.”
“In haar beha.”
Op dat moment valt er waarschijnlijk een stilte die alleen doorbroken wordt door iemand die zachtjes zegt: “Dat meen je toch niet.”
Misschien wordt dit binnen enkele jaren zo’n klassiek politieverhaal dat telkens opnieuw bovenkomt wanneer nieuwe collega’s beginnen. Niet het verhaal van de spectaculaire achtervolging, niet dat van de gevaarlijke arrestatie, maar dat ene dossier waarvan iedereen de cijfers nog kent.
Niet de namen.
Niet de datum.
Alleen de combinatie die je onmogelijk nog vergeet.
Twee pakken. Driehonderd gram. Eén beha.
Sommige nieuwsberichten roepen politieke vragen op. Andere zetten aan tot maatschappelijk debat.
En dan heb je af en toe een artikel dat je gewoon met één grote, oprechte en licht verbaasde vraag achterlaat:
Hoe krijg je dat in hemelsnaam allemaal daarin?
